Zorgzame gemeente
‘Zo waren wij, in onze grote genegenheid voor u, bereid u niet alleen het evangelie van God, maar ook ons eigen leven mee te delen, daarom dat gij ons lief geworden waart,’ 1Thess.2:8 (NBG-’51)
Als we iets over een zorgzame gemeente willen leren dan moeten we in de Schrift opslaan hoe de apostel Paulus ons voorging. In Fil.4:8,9 worden we opgeroepen tot het overpeinzen van de Bijbelse deugden (dat deugt!); er op aansluitend volgt het toepassen van wat geleerd is, wat alles met het navolgen van de apostel (vgl 3:17) te maken heeft. De belofte daarbij is dat God, Die de God van de vrede is, met ons zal zijn!
U zegt: wat heeft dat dan met de zorgzame gemeente te maken? Nou alles. Terwijl na de zondeval de relatie met God en elkaar kapot ging; terwijl na de zondeval Adam en Eva elkaar de zwarte Piet als het ware toe willen spelen; terwijl Kaïn vragende ‘belijdt’: ‘Ben ik mijns broeders hoeder (herder)’? Terwijl... Echter na de wedergeboorte: terug naar de wortel: God en elkaar. In 2Kor.5:17 lezen we dat als we door het geloof in Christus zijn, alles anders is geworden. Dus ook onze houding tot de naaste, in het bijzonder onze houding tot de medegelovige. Indringend lezen we in Gal.6:10 de oproep goed te doen tot ieder, maar met name tot de geloofsgenoten. In Ef.4:20 leren we geheel anders te zijn dan vroeger; toegespitst op de gemeente leren we in vs 31,32 o.a. bitterheid, toorn en kwaadaardigheid uit ons midden te bannen en jegens elkaar vriendelijk, barmhartig, vergevend te zijn zoals God ons in Christus vergeving gegeven heeft. Tussen-toepassing: groeien we daarin als gemeente, ieder van ons persoonlijk? Verstaan we daarin Gods stem?
Nou daarin is de apostel ons een bijzonder voorbeeld, die op zijn beurt Jezus Christus navolgt (1Kor.11:1). Want het ultieme voorbeeld is onze Here Jezus Christus. In Joh.10 lezen we dat Hij in tegenstelling tot Kain juist wel onze herder is, de goede Herder Die Zijn leven inzet voor de schapen, meer: plaatsvervangend Zijn leven geeft voor de schapen – Hij heeft inderdaad de ‘Zijnen, die Hij in de wereld liefhad, liefgehad tot het einde’, Joh.13!
Hij heeft dat gedaan als Zoenoffer – uniek. Maar Hij heeft ook een voorbeeld nagelaten. Wij zijn immers Jezus’ discipelen die Hem lerend navolgen, waarin Hijzelf ons wil bijstaan, Matth.28:19,20.
En dat is nu Paulus verlangen: Jezus lerend navolgen. Ja lerend, hij geeft eerlijk toe daarin nog niet volmaakt te zijn. Maar hij gaat niet bij de pakken neer zitten, maar streeft er naar (Fil.3:12). En dat heeft bij de apostel ook alles te maken met het zorgzaam gemeente-zijn. In 1Thess.2 lezen we dat hij zich over hen ontfermt als een vader en moeder over hun kinderen. In vs 8 lezen we indringend dat hij niet alleen hun het Evangelie, maar ook bereid was zijn eigen leven mee te delen. En in vs 11 en 12 lezen we dat hij hen ‘hoofd voor hoofd’ bemoedigde met en voor God te blijven leven vanwege onze Goddelijke roeping!
Kijk dat is het, de blauwdruk voor een zorgzame gemeente in de voetsporen van de apostel en de Here Jezus Christus!
Tenslotte: waarin kan het zorgzame gemeente-zijn beter worden uitgeoefend dan in een gemeente die ook in huiskringen is ingedeeld? Zo komt de zorgzame kleine gemeente in de grote gemeente in beeld. N.B. niet een kleine gemeente tegenover de grote gemeente – dat verhoede God! – maar een kleine unit als een belangrijk hulpmiddel van de grote gemeente in het naar elkaar omzien (elkaars hoeder zijn in Christus)! Dat is het waarom de eerste gemeente ook samen kwam in de (kleine) huiskring naast de (grote) tempel-kring, Hnd.2!
‘Here, zegen ons als zorgzame gemeente – tot Uw eer, tot opbouw van de gemeente en tot heil van de mensen om ons heen die U en Uw Zoon nog niet kennen. en wilt U mij persoonlijk (wat anderen ook doen) hierin een opofferende bouwsteen laten zijn – in de grote en in de kleine kring. Here, ik belijd afhankelijk te zijn van U, staat U mij naar Uw belofte bij!’
Uw broeder in hetzelfde streven als van de apostel – onder Gods hulp,
Pier M. Meindertsma

